Delen:

Ik ben Rob en ik ben op een persoonlijke missie: Nederland bevrijden van taal- en spelfouten. In deze eerste nieuwsbrief onderzoek ik hoe belangrijk goed taalgebruik is. Een onderzoek met een storytellingpaard en Jonathan de supervisor klantenservice.

Jonathan en het storytellingpaard

15 juli 2018   |   Geplaatst door Rob

Ik kan niet tegen taal- en spelfouten. Lang heb ik me afgevraagd waarom ik me er zo aan erger, maar onlangs werd het me duidelijk. Ik heb taal als kunstvorm erg hoog zitten. Het is als wiskunde waar alleen ruimte is voor een uitkomst die klopt. Daar horen toch geen fouten bij?

Wil dat zeggen dat iedereen er zo over denkt? Nee natuurlijk niet. Voor de meeste mensen is taal niets meer of minder dan een manier om zich te uiten. ‘Taalfouten? Lekker boeiend. Je snapt toch wat ik bedoel?’

Ze hebben gelijk hoor, ik snap wat ze bedoelen, ondanks hun taal- of spelfouten. Het feit dat ik foutloos schrijven belangrijk vind, er zelfs mijn missie van heb gemaakt, wil niet zeggen dat het ook daadwerkelijk belangrijk ís. Of toch? Mijn missie begint.

Het storytellingpaard

Om na te gaan of – en hoe – belangrijk correct taalgebruik is, start ik een onderzoek. Aan mij is geen groot wetenschapper verloren gegaan, dus onderzoek is in dezen een groot woord.

Ik wil beginnen met een check bij Facebookadvertenties. Klikken mensen minder op een advertentie als er overduidelijk taal- en spelfouten inzitten? Is er minder of juist meer interactie? Komen er negatieve reacties?

Ik richt het nepbedrijf Blinkrs.nl op, flans een website in elkaar en maak een pdf: 7 tips voor effectieve storytelling. Een document met een aantal vreselijke open deuren (‘zorg voor een held’).

Ik download een plaatje van een rechtenvrij paard en benoem hem in twee advertenties tot held van het verhaal van Blinkrs. Of men wel weet dat een held niet genoeg is voor een verhaal. Dat het meer nodig heeft. De ene advertentie is foutloos geschreven. De andere bevat een dt-fout (‘downloadt nu’) en een woord dat eigenlijk aaneengeschreven moet worden (‘story telling’).

Al snel keurt Facebook de advertenties goed. Een halve middag ram ik op F5.

Na een week adverteren (de advertenties hebben zes dagen gelopen) ben ik geen stap wijzer. Of eigenlijk ook weer wel. Er is een weinig verschil in het aantal malen dat de pdf gedownload is. 37 (versie met taalfouten) versus 39 (versie zonder taalfouten).  In het aantal likes zit een groter verschil. 84 versus 162.

Het verschil in likes doet me deugd. De andere uitkomst vind ik jammer. Wie downloadt er nou een pdf die aangeboden wordt in een advertentie vol fouten. Stom paard.

Een week later probeer ik wat anders. Ik stel twee versies op van een open sollicitatie en bijbehorend curriculum vitae. De ene sollicitatie foutloos, de andere vol met taalfouten. Net nadat Jonathan den Dungen wordt geschapen, is-ie al 28 jaar oud. Hij woont in Utrecht en is een supervisor klantenservice met de mens op de eerste plaats. Hij gaat niet voor targets, maar écht voor service, zo leest zijn e-mail.

Jonathan solliciteert bij dertig grote Nederlandse bedrijven. Van de vijftien organisaties die zijn foutloze open sollicitatie ontvangen, krijgt hij zes reacties, waarvan twee positief. Op de andere sollicitatie komen twee reacties, waarvan één positief. Sabine nodigt hem uit voor een gesprek maar wil wel aangeven dat er ‘veel fouten in zijn brief stonden’.

Ik denk dat Sabine en ik elkaar eens moeten ontmoeten.

Voor zover mijn onderzoekje representatief is, blijkt dat het bij solliciteren meer van belang is om foutloos Nederlands te schrijven, dan bij het adverteren met een download op Facebook. Bedankt Jonathan, je stemt me vrolijk.

Het echte werk

Het was leuk, mijn gefröbel, maar er is vast echt onderzoek gedaan naar het belang van correct taalgebruik. Daar duik ik in de volgende nieuwsbrief graag in.

Ik laat jullie achter met het paard en Jonathan. Op naar een Nederland zonder taal- en spelfouten.

Disclaimer
Ja, ook ik maak taal-, spel- en tikfouten. In het schrijven van deze eerste nieuwsbrief zit veel energie, maar het kan zomaar voorkomen dat er een fout in is geslopen. Voel je vrij me dit te laten weten op rob@rakezaak.nl. Ik leer graag bij.

Delen:

Ik ben Rob en ik ben op een persoonlijke missie: Nederland bevrijden van taal- en spelfouten. In deze eerste nieuwsbrief onderzoek ik hoe belangrijk goed taalgebruik is. Een onderzoek met een storytellingpaard en Jonathan de supervisor klantenservice.

Jonathan en het storytellingpaard

15 juli 2018   |   Geplaatst door Rob

Ik kan niet tegen taal- en spelfouten. Lang heb ik me afgevraagd waarom ik me er zo aan erger, maar onlangs werd het me duidelijk. Ik heb taal als kunstvorm erg hoog zitten. Het is als wiskunde waar alleen ruimte is voor een uitkomst die klopt. Daar horen toch geen fouten bij?

Wil dat zeggen dat iedereen er zo over denkt? Nee natuurlijk niet. Voor de meeste mensen is taal niets meer of minder dan een manier om zich te uiten. ‘Taalfouten? Lekker boeiend. Je snapt toch wat ik bedoel?’

Ze hebben gelijk hoor, ik snap wat ze bedoelen, ondanks hun taal- of spelfouten. Het feit dat ik foutloos schrijven belangrijk vind, er zelfs mijn missie van heb gemaakt, wil niet zeggen dat het ook daadwerkelijk belangrijk ís. Of toch? Mijn missie begint.

Het storytellingpaard

Om na te gaan of – en hoe – belangrijk correct taalgebruik is, start ik een onderzoek. Aan mij is geen groot wetenschapper verloren gegaan, dus onderzoek is in dezen een groot woord.

Ik wil beginnen met een check bij Facebookadvertenties. Klikken mensen minder op een advertentie als er overduidelijk taal- en spelfouten inzitten? Is er minder of juist meer interactie? Komen er negatieve reacties?

Ik richt het nepbedrijf Blinkrs.nl op, flans een website in elkaar en maak een pdf: 7 tips voor effectieve storytelling. Een document met een aantal vreselijke open deuren (‘zorg voor een held’).

Ik download een plaatje van een rechtenvrij paard en benoem hem in twee advertenties tot held van het verhaal van Blinkrs. Of men wel weet dat een held niet genoeg is voor een verhaal. Dat het meer nodig heeft. De ene advertentie is foutloos geschreven. De andere bevat een dt-fout (‘downloadt nu’) en een woord dat eigenlijk aaneengeschreven moet worden (‘story telling’).

Al snel keurt Facebook de advertenties goed. Een halve middag ram ik op F5.

Na een week adverteren (de advertenties hebben zes dagen gelopen) ben ik geen stap wijzer. Of eigenlijk ook weer wel. Er is een weinig verschil in het aantal malen dat de pdf gedownload is. 37 (versie met taalfouten) versus 39 (versie zonder taalfouten).  In het aantal likes zit een groter verschil. 84 versus 162.

Het verschil in likes doet me deugd. De andere uitkomst vind ik jammer. Wie downloadt er nou een pdf die aangeboden wordt in een advertentie vol fouten. Stom paard.

Een week later probeer ik wat anders. Ik stel twee versies op van een open sollicitatie en bijbehorend curriculum vitae. De ene sollicitatie foutloos, de andere vol met taalfouten. Net nadat Jonathan den Dungen wordt geschapen, is-ie al 28 jaar oud. Hij woont in Utrecht en is een supervisor klantenservice met de mens op de eerste plaats. Hij gaat niet voor targets, maar écht voor service, zo leest zijn e-mail.

Jonathan solliciteert bij dertig grote Nederlandse bedrijven. Van de vijftien organisaties die zijn foutloze open sollicitatie ontvangen, krijgt hij zes reacties, waarvan twee positief. Op de andere sollicitatie komen twee reacties, waarvan één positief. Sabine nodigt hem uit voor een gesprek maar wil wel aangeven dat er ‘veel fouten in zijn brief stonden’.

Ik denk dat Sabine en ik elkaar eens moeten ontmoeten.

Voor zover mijn onderzoekje representatief is, blijkt dat het bij solliciteren meer van belang is om foutloos Nederlands te schrijven, dan bij het adverteren met een download op Facebook. Bedankt Jonathan, je stemt me vrolijk.

Het echte werk

Het was leuk, mijn gefröbel, maar er is vast echt onderzoek gedaan naar het belang van correct taalgebruik. Daar duik ik in de volgende nieuwsbrief graag in.

Ik laat jullie achter met het paard en Jonathan. Op naar een Nederland zonder taal- en spelfouten.

Disclaimer
Ja, ook ik maak taal-, spel- en tikfouten. In het schrijven van deze eerste nieuwsbrief zit veel energie, maar het kan zomaar voorkomen dat er een fout in is geslopen. Voel je vrij me dit te laten weten op rob@rakezaak.nl. Ik leer graag bij.

Volg me ook op mijn missie: schrijf je in voor de nieuwsbrief